Benjamin Brittens vriendschap met cellist Mstislav Rostropovitsj vormde de inspiratiebron voor drie cellosuites. Het werd een hommage ook aan Bach en Sjostakovitsj. De ‘Sonate voor cello solo’ van Zoltán Kodály is absolute waanzin. In dit stuk introduceerde hij allerhande nieuwe speeltechnieken. Het ene moment klinkt de cello als een harp of een doedelzak, dan weer denkt men een heus zigeunerorkest te horen. Sandór Veress, een leerling van Bartók, is dringend aan herwaardering toe.