Symfonie nr. 31 in D, 'Hornsignal'
Concerto voor hobo in D
Serenade nr. 1 in D, opus 11
Richard Strauss schreef met zijn ‘Concerto voor hobo’ uit 1945 een fris, zangerig en bijzonder charmant werk in neoklassieke stijl. De elegante muziek functioneerde voor Strauss als bron van hoop in een wereld die volledig in puin lag.
Niemand beter dan Alexei Ogrintchouk, eerste hoboïst van het Amsterdamse Concertgebouworkest, om dit concerto uit te voeren. Haydns ‘Symfonie nr. 31’ kreeg de ondertitel ‘Hornsignal’ mee, want de voorgeschreven vier hoorns waren voor die tijd een rariteit. Volgens Brahms keek Beethoven bij het componeren altijd mee over zijn schouder. Zijn ontzag weerhield hem er lange tijd van zelf een symfonie te schrijven. Uiteindelijk is zijn eerste poging de ‘Serenade nr. 1’ geworden, luchtiger en intiemer dan een symfonie maar erg bevallig.