Zaterdag 27 maart | 20:00 | Kraakhuis
Voor sommige muzikanten is een carrière als solist iets wat ze eerder naar het einde toe van hun carrière plannen of ze zien het als een afzonderlijk project, een uitdaging om te zien of ze het ook wel alleen redden op een podium. Anderen worden echter als solist geboren. Alleen op een podium staan is voor hen een genot, zomaar spelen zonder begeleiding is voor hen iets natuurlijk. Ernst Reijseger behoort tot deze laatste categorie.
Reijseger is één met zijn cello. Het instrument kleeft aan zijn lichaam, hij gaat er spelend mee op wandel, gebruikt het als een percussie-instrument, hanteert het als een flamencogitaar en dit zonder gimmick maar met een groot gevoel voor muzikaliteit waarbij hij alles tot in de puntjes beheerst. Wanneer Reijseger een cellosonate van Bach met de strijkstok omgekeerd speelt is dat niet omdat hij grappig wil doen, ook al komt het grappig of blasfemisch over, maar omdat hij vindt dat die sonate zo mooi klinkt.
Naast een groot solist is Ernst Reijseger een groot improvisator. De melodieën dwarrelen door zijn hoofd, hij verandert van de ene speeltechniek naar de andere en mooie gestreken lijnen worden afgewisseld met vurige pizzicato’s. Zijn opleiding als klassieke cellist (o.a. bij Anner Bijlsma, één van de grootste cellisten ooit) heeft hem de mogelijkheid om met al die verschillende werelden op een creatieve manier om te springen. Tot groot genot van de toehoorder.